Vogels

De vogels brengen leven in de brouwerij.
Net als wij, hebben ze hun eigen ritme.
In de ochtend zijn ze druk in de weer.
Later rond koffie- lunchtijd weer en dan nog in de namiddag.
Welk seizoen het ook is.

Welke vogels er in het park te zien zijn, wordt door verschillende personen bijgehouden.
Zo voeren ze voor SOVON officiële wintertellingen en tellingen van broedvogels uit.
En anderen geven hun vogelwaarnemingen door aan de vogelgroep Merenwijk of zetten ze zelf op waarneming.nl.
En wij geven hier een foto-overzicht (met foto’s van buurtbewoners) van de vogels die gespot zijn in het park. Op vogelbescherming.nl kun je meer informatie per vogel vinden.
En in de lente kun je daar livebeelden zien van diverse broedende vogels.

Eenden, ganzen en zwanen
We beginnen met de eenden.
Er zijn eenden die grondelen. Ze zoeken voedsel onder water, waarbij de staart rechtop uit het water steekt. in ons park zijn dat de Wilde eend, de Parkeend of Soepeend, de Krakeend en de Slobeend. En, zoals je ziet, grondelen Knobbelzwanen ook. Een opvallend verschil met andere watervogels is, dat de eenden direct op kunnen vliegen uit het water.

En er is een groep watervogels die vooral duikt naar kleine dieren en planten, zoals de Kuifeend.

De wilde ganzen die je kunt zien zijn soms Brandganzen, maar altijd de Nijlganzen. De Nijlganzen nestelen vaak in een boomholte, dus kijk ook eens om je heen of je ze in de bomen ziet staan.

Andere watervogels
Vogels die ook duiken, maar geen vliezen tussen de tenen hebben zijn de Rallen:
de Waterhoen, de Meerkoet en ook gespot: de Waterral.

De beste duikende zwemmer is de Fuut. De fuut is gestroomlijnd en heeft zijn poten verder naar achteren staan. De fuut eet vis, waterinsecten en amfibiën.
De Aalscholver is een grote slanke watervogel (met zwemvliezen), die ook vanuit het water naar eten duikt.  De Aalscholver zit soms in de bomen in het park in de buurt van de Blauwe Reiger.

Maar de allerbeste duiker is de IJsvogel. Roerloos loerend, duikt het vogeltje als een speer loodrecht het stromende water in om kleine visjes te vangen.

Reigers en Ooievaars
De Blauwe reigers, Zilverreigers en Ooievaars zijn ook roerloze jagers. Het zijn grote waadvogels met lange poten, hals en snavel. De Ooievaar broedt in open landschap. De blauwe reiger broedt in kolonies in bomen. Ze eten vis, amfibiën, muizen en mollen. De Ooievaars eten daarnaast ook insecten en regenwormen. De Ooievaar is in principe een zomergast.

Een echte roofvogel
In het park glijdt de buizerd door de lucht of rust uit in een boom. Maar een sperwerpaar heeft zelfs regelmatig een nest in het park. Ze eten allerlei dieren, maar de sperwer is vooral dol op mezen.

De Mezen
Mezen zijn kleine bolle zangvogeltje. Ze hebben een korte snavel om insecten en zaden of beukennootjes mee te eten. Het zijn de Koolmees, de Pimpelmees en de Staartmezen. In de winter vliegen ze in gemengde groepjes door het park. Van boom tot struik tot boom. De Staartmezen zijn in deze groepjes het meest rusteloze vogeltje.

Een ander zangvogeltje met een lange staart is de kwikstaart. In dit geval de Grote gele kwikstaart.

Vinken
De Vinken zijn kleine zangvogels met een grote konische snavel. Daarmee kraken of pellen ze de zaden. In de zomer eten ze ook insecten. De staart is smal en gevorkt. In het park zie je de Vink, de Putter en de Groenling. In de winter kun je groepen Barmsijsjes zien.

Lijsters
Een andere groep zangvogels zijn de lijsters. Ze hebben een krachtige snavel en zijn bekend om hun zang. Dit zijn het roodborstje, de merel, de zanglijster en in de winter de Koperwiek.

De Goudhaan (het allerkleinste vogeltje) en de Winterkoning waren eerst onderverdeeld bij de zangers, maar door genetisch onderzoek is nu niet meer duidelijk bij welke groep ze horen. Voor ons blijven het mooie zangvogeltjes. En de heggenmus heeft een eigen categorie.

En dan zijn er nog de ‘echte’ zangers. Dit zijn diverse vogeltjes met een opvallende zang. In het park kun je in het riet de Tjiftjaf en de Kleine karekiet horen. En als je goed kijkt, kun je ze ook zien.

Hele andere zangvogels
De kraaiachtigen behoren ook tot de zangvogels. In het park zie je veel eksters, gaaien en groepen kauwtjes.

De kauwtjes zoeken in de winter in grote groepen hun slaapplek in de bomen van het park. Vooral in de zomer zie je ze vaak als paartje rond scharrelen. Onder de bast van dode bomen en onder het mos zoeken ze naar insecten. De gaai houdt vooral van eikels en beukennootjes.

De klimmers in het park

Spechten
In het voorjaar / aan het einde van de winter zijn de Grote Bonte Spechten druk aan het hameren en het hof maken. In het park zijn er veel te horen. Ze hebben een rood stuitje. En soms kun je het geluk hebben om een Kleine Bonte Specht te zien. Deze heeft geen rood stuitje en roffelt zachter. En dit jaar heeft iemand weer de Groene Specht horen lachen. De mannetjes van al deze spechten hebben rode veren op de kop en bij de Groene Specht het vrouwtje ook. Met hun kleverige, wel 10 centimeter lange tong, halen spechten larven en insecten tussen het hout vandaan.
De duif past goed bij de kauwtjes.  De houtduif broedt in het bos en gebruikt ook het grasland voor voedsel.

Boomklever en boomkruiper
De Boomklevers en Boomkruipers zijn zangvogels. Ze hebben een grote kop. Sterke poten om mee te klimmen en een korte krachtige staart. Hun snavel is vrij lang. Ze eten insecten, zaden en noten. De boomkruiper klimt vooral omhoog en vliegt omlaag naar de volgende boom en zoekt naar insecten op zijn weg omhoog. De Boomklever heeft het nest in een boomholte. Als de opening van een boomholte te groot is, dan metselt de boomklever modder in de opening, waardoor de opening kleiner wordt.

Naast de boomklever, maakt de halsbandparkiet ook gebruik van de verlaten nesten van de specht. Buiten de broedtijd zoeken ze elkaar op. In grote aantallen hebben ze een gemeenschappelijke slaapplaats. Je kunt goed het verschil tussen het mannetje en het vrouwtje zien. Het vrouwtje heeft geen halsband.

Ransuil
En de laatste buitencategorie is de Ransuil. De Ransuil houdt van bos in de buurt van open terrein en parken met hoge coniferen. De Merenwijk voldoet hier goed aan. Ze eten vooral muizen, maar ook kleine vogels.
En wat hier verder nog dreigend over vliegt… het zou een Buizerd kunnen zijn.

Er zijn vast nog andere gezien. Dat willen we heel graag weten. Vertel ons waar je die hebt gezien en stuur je foto, als je die hebt kunnen maken. Dit kan naar merenwijkpark at gmail.com.

 

Niet al deze vogels broeden in het park. Een deel van de vogels leeft hier in de winter. En een aantal haalt hier alleen voedsel. Welke hier wel broeden lees je in de blog: Broedvogels in 2018.
Zo is er waarschijnlijk een boerenzwaluw…

Advertenties